Impact op het welzijn van gezinnen

Samen Oplopen meet de effecten van de begeleiding van gezinnen. Dat doen we door middel van een 0-meting ten tijde van de eerste intake, een 1-meting na een jaar begeleiding en een 2- (of eind-) meting bij afronding (evaluatie). Bij deze drie meetmomenten scoren gezinsleden hun situatie aan de hand van een vragenlijst: 35 vragen verdeeld over 9 leefgebieden, op een 4-puntsscore lijst.

In 2020 hebben we, na een looptijd van 2 tot 2,5 jaar, een flink aantal koppelingen kunnen afronden. We hebben dus ook een groot aantal eindmetingen gedaan. Gezinnen scoorden zichzelf hoger op élk van de 9 levensgebieden.

In onderstaande grafiek is te zien welke levensgebieden welke scores gegeven worden op de verschillende leefgebieden.

Legenda: 1 = helemaal niet mee eens, 2 = een beetje mee eens, 3 = mee eens, 4 = helemaal mee eens

De grootste impact bereiken we op de leefgebieden Sociaal en Psychisch functioneren. Het valt op dat gezinnen wanneer ze bij ons komen zichzelf op deze leefgebieden het laagst scoren, en dat er ook het meeste resultaat op wordt geboekt.

Sociaal functioneren gaat over de kwantiteit en kwaliteit van vrienden, kennissen en de contacten in de buurt. Gezinnen geven aan dat flink verbeterd is. (0,7 punt omhoog, of wel vertaald naar een ‘rapportcijfer’ van een 6,5 naar een 8,2). Uit de evaluaties van 2018 bleek dat gezinnen vooral nog moeite hebben hun sociaal netwerk uit te breiden. Samen Oplopen heeft daarom in 2019 veel aandacht gegeven aan dit thema. Door:

  • Ons zomerfeest voor 300 vrijwilligers, ouders en kinderen.
  • De vrijwilligers die actief wijzen op en mee te gaan naar activiteiten in de wijk of gemeente.
  • Regelen van kampen en vakanties voor kinderen via netwerkpartners en gesponsord door de service club Odd Fellows Utrecht (Rebecca’s loge) in Zeist.
  • Gezinnen actief aan elkaar te koppelen.
  • Vrijwilligers te trainen en coachen op ‘sociale netwerk versterken’ en het organiseren van een vrijwilligerssymposium over dit thema.

Psychisch functioneren zegt iets over hoe boos, bang, gelukkig, uitgerust, verdrietig, tevreden, stressvol en eenzaam de gezinsleden zich voelen. Ook daar is een grote verbetering te zien door de inzet van vrijwilligers in de gezinnen en de begeleiding van een professionele coördinator (0,6 punt omhoog). Bij aanvang van de koppeling was de score erg laag (1,8). Na de koppeling is deze score nog steeds niet heel hoog (2,4), maar wel flink verbeterd. Of wel vertaald naar een ‘rapportcijfer’ van een 4,5 naar een 6. En dat terwijl de gemiddelde Nederlander op ‘geluk’ een rapportcijfer 9 scoort. (bron: CBS )

Het zegt iets over hoe moeilijk deze gezinnen het hebben. Over de hoeveelheid problemen en wat het met hen doet. Wij geloven dat als je je gelukkiger voelt, alles beter gaat in het leven. Het blijft dus zaak hieraan te werken.

Opvallende scores (vertaald naar ‘rapportcijfers’ tussen 1 en 10)

  • Contacten kunnen leggen met andere mensen is 1,7 punt verbeterd.
  • Minder piekeren is 2,5 punt verbeterd.
  • Minder boos-zijn is 2 punten verbeterd.
  • Onzekerheid is 4,5 punt minder geworden (= dus 4,5 punten verbeterd).
  • Post lezen en begrijpen is 1,5 punt verbeterd.
  • Hulp nodig bij administratie: 2,3 punt slechter geworden. Uit gesprekken blijkt dat men na de hulp van Samen Oplopen in ziet dat men de administratie nog lang niet alleen kan doen.
  • Weten waar hulp te vinden 2 punten omhoog gegaan. Blijkbaar weet men na de hulp van Samen Oplopen beter waar men hulp voor wat kan vinden en willen ze dat ook aan nemen.
  • Nederlands is verbeterd met 2 punten.
  • Contact leggen met de school van de kinderen is met 4,3 punt verbeterd.

 

Deel dit bericht

Share on facebook
Share on twitter
Share on linkedin
Scroll naar top